Veiligheid van was- en reinigingsmiddelen

De veiligheid van was- en reinigingsproducten voor mens en milieu heeft voor fabrikanten de hoogste prioriteit. Zowel op nationaal als Europees niveau is er wet- en regelgeving die de veiligheid van producten waarborgt, waaronder REACH. Het gaat hierbij om de veiligheid van uw gezondheid bij (normaal te voorzien) gebruik van een was- en reinigingsproduct. Fabrikanten kijken daarom enerzijds naar de toxicologisch data van de gebruikte grondstoffen, anderzijds wordt gekeken naar de mogelijke blootstelling aan het product van consumenten bij een normaal, voorzienbaar gebruik. Door deze twee factoren te combineren wordt de veiligheid van een product vastgesteld.

Worden was- en reinigingsmiddelen getest op dieren?
Nee, producten zoals die bij u thuis in het keukenkastje staan, zoals een afwasmiddel,  een textielwasmiddel of een allesreiniger, worden niet op dieren getest. Dit geldt ook voor producten voor professioneel gebruik.

Hoe wordt de veiligheid van was- en reinigingsmiddelen dan vastgesteld?
Voor het vaststellen van de veiligheid van was- en reinigingsmiddelen wordt gebruik gemaakt van rekenmethodes. Bij deze rekenmethodes wordt gebruik gemaakt van de gegevens van de in het reinigingsmiddel gebruikte grondstoffen en gegevens over de wijze waarop producten gebruikt worden.

Hoe weten we of de gebruikte grondstoffen veilig zijn?
NVZ-leden maken voor het samenstellen van was- en reinigingsmiddelen over het algemeen gebruik van al heel lang  bestaande grondstoffen. Deze bestaande grondstoffen waren veelal ver vóór 1980 op de markt en worden dikwijls ook in talloze andere producten gebruikt. Er is door de jaren heen heel veel kennis vergaard door wetenschappelijk onderzoek naar deze grondstoffen. Over het algemeen is deze kennis vandaag de dag nog steeds ruim voldoende voor het beoordelen van de veiligheid.

Wanneer worden deze grondstoffen dan toch getest op dieren?
De beschikbare toxicologische data zijn meestal gebaseerd op tests van meer dan twintig jaar geleden. Als deze gegevens onvoldoende waarborg zijn voor de veiligheid van mens en milieu, verplicht Europese regelgeving (REACH) de grondstofleveranciers in bepaalde gevallen om meer informatie aan te leveren. Of er inderdaad extra informatie moet worden aangeleverd, wordt beoordeeld door het Europese Chemicaliën Agentschap (ECHA). Het streven hierbij is het aantal dierproeven tot een minimum beperkt te houden en indien mogelijk alleen gebruik te maken van alternatieve test- en/of rekenmethodes.

Wat doet de was- en reinigingsmiddelenindustrie aan de ontwikkeling van alternatieven voor dierproeven?
NVZ leden investeren veel geld en mankracht in de ontwikkeling, validatie en acceptatie van alternatieven voor dierproeven. In 2005 behoorde de Europese was- en reinigingsmiddelenindustrie (A.I.S.E.) tot oprichters van het European Partnership for Alternative Approaches to Animal Testing (EPAA, http://ec.europa.eu/enterprise/epaa/), een netwerk van bedrijven, overheid en instituten dat zich inspant voor de ontwikkeling van alternatieven voor dierproeven.

Wat betekent ‘proefdiervrij’ op een product?
Soms kom je op het etiket of de verpakking van was- en reinigingsproducten de claim ‘proefdiervrij’ tegen. Het is onduidelijk wat hiermee wordt bedoeld. Wordt alleen het eindproduct bedoeld, dan is het meer een reclame uiting, omdat in Europa geen enkel was- en reinigingsmiddel op dieren wordt getest. Duidt de claim ook op de gebruikte grondstoffen, dan kan het misleidend zijn: zoals hierboven al aangegeven zijn alle grondstoffen getest, al is dat voor sommige grondstoffen meer dan 25 jaar geleden.

Wij gebruiken cookies om uw gebruikerservaring te verbeteren.
Door dit aan te vinken, wordt er een cookie geplaatst om de popup te verbergen. Deze cookie bevat geen persoonlijke informatie.

Ik accepteer het gebruik van cookies